![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||
|
|
ToesprakenToespraak van Luís Queiró, (EVP-ED, Portugal), in het Europees Parlement, op woensdag, 7 september 2005 Een duurzaam Europees toerisme Luís Queiró (EVP-ED), rapporteur. - (PT) Mijnheer de Voorzitter, commissaris Verheugen, in economisch moeilijke tijden moeten we allemaal een bijdrage proberen te leveren aan het vinden van oplossingen en het zoeken naar uitwegen. We moeten daarom allemaal meewerken aan de bewerkstelliging van vooruitgang en ontwikkeling. Dat is de achtergrond waartegen men dit verslag over duurzaam toerisme dient te bekijken. Als we het hebben over toerisme in de Europese Unie, dan hebben we het over één van onze belangrijkste en sterkst concurrerende sectoren. Deze industrie schept de meeste werkgelegenheid en ze heeft zelfs nu Europa economisch stagneert het grootste groeipotentieel. Er zal echter iets moeten worden ondernomen om de duurzaamheid van deze activiteit te verzekeren. We moeten er onder andere voor zorgen dat we het milieu, het landschap en de ruimtelijke ordening respecteren. We zullen ook een antwoord moeten formuleren op één van de grootste problemen van deze sector in termen van economische efficiëntie. Toerisme is namelijk seizoensgebonden. Wat kunnen we doen om de gevolgen daarvan voor de werkgelegenheid en de kwaliteit van de geleverde diensten te verzachten? In dit verslag zullen we aantal suggesties doen voor de oplossing van deze problemen. Ziehier in grote lijnen een portret van een economische sector met een enorm potentieel, en dat potentieel moeten we proberen te benutten door onze krachten te bundelen, door samen te werken en door gebruik te maken van gemeenschappelijke ervaringen. We mogen intussen niet vergeten dat in deze sector het particulier initiatief de belangrijkste rol speelt, en dat het beleid op dit gebied uit hoofde van het subsidiariteitsbeginsel in de eerste plaats door de autoriteiten van de lidstaten wordt geformuleerd. Dat betekent overigens niet dat de taak van de Commissie onderschat mag worden. Ze heeft vooral een belangrijke rol bij het op elkaar afstemmen van de acties die ze onderneemt op beleidsgebieden die met het toerisme een raakvlak hebben. Ik denk dan aan vervoer, werkgelegenheid, milieubehoud, interne markt, enzovoorts. Bovendien is het zo dat het toerisme binnen de context van de Strategie van Lissabon in steeds sterkere mate wordt gekoppeld aan nieuwe technologieën. Toerisme heeft het internet omgevormd tot veel meer dan alleen maar een middel om reizen te verkopen: het net heeft zich ontwikkeld tot een strategisch instrument voor het ontwikkelen van activiteiten binnen deze sector. We moeten daarom proberen uit te vinden hoe de communautaire instellingen de lidstaten en de sector kunnen steunen bij de acties die deze ondernemen om de industrie te ontwikkelen. Mijn antwoord luidt: met concrete voorstellen, met initiatieven die kunnen bijdragen tot een doeltreffender beheer van de acties die we op Europees niveau ondernemen. Zulke initiatieven moeten het reizen naar bestemmingen binnen ons werelddeel bevorderen. Het initiatief met de sterkste symboolwaarde is natuurlijk het voorstel om eersterangs Europese toeristische bestemmingen te introduceren, naar het model van de Europese culturele hoofdsteden. Belangrijk is ook het voorstel om een categorisering van toeristische diensten uit te werken, op vrijwillige basis en met de medewerking van de sector. Die categorisering moet vooral dienen voor de classificatie van hotels, pensions en restaurants. We kunnen op die manier transparantere diensten waarborgen en de consument beter beschermen. We stellen bovendien voor een gecontroleerde oorsprongsbenaming voor ambachtelijke niet-voedingsproducten in te voeren. En we zijn ook voor het idee om een Europese portaalsite voor toerisme op te zetten met links naar de nationale portaalsites. Dat kan immers een heel krachtig instrument zijn voor het verspreiden van informatie over Europese bestemmingen. Verder geloven we dat het een goed idee is om een educatief netwerk voor opleidingen op toeristisch gebied op te bouwen, om zo meer banen te scheppen en de beroepsvaardigheden van de mensen die in de sector werkzaam zijn te vergroten. Met het oog op de veiligheid stellen wij voor een contactgroep op te richten om de informatie met betrekking tot het beheer van gezondheidscrisissen, natuurrampen of terroristische aanslagen te coördineren en snel actie te kunnen ondernemen ter bescherming van Europese toeristen en ter ondersteuning van de door zulke incidenten getroffen touroperators. Om personen met beperkte mobiliteit op een gepaster wijze te onthalen, stellen we een hele reeks initiatieven voor ter verbetering van de toeristische voorzieningen en installaties. Met het oog op die betere opvang zullen er voor het personeel speciale cursussen moeten worden georganiseerd. We wijzen er verder op dat er toeristische activiteiten en infrastructuren moeten worden ontwikkeld om rekening te kunnen houden met de groeiende vraag van de zijde van oudere mensen. De bevolking van de ontwikkelde landen zal immers binnen enige tientallen jaren voor 30 procent uit ouderen bestaan. Met betrekking tot de concurrentiepositie van bedrijven zijn we het erover eens geworden dat in de Europese Unie gevestigde bedrijven fiscaal gezien hun positie ten aanzien van operators uit derde landen moeten behouden. Het verslag-Becsey is vanmorgen aangenomen, en die kwestie is gelukkig dus opgelost. Verder moet het mogelijk worden voor bepaalde diensten een verlaagd BTW-tarief in te stellen, zoals dat reeds bestaat voor andere activiteiten. We zijn voor het idee om een toeristisch EU-keurmerk in te stellen voor reisbestemmingen. Dat keurmerk moet garant staan voor de enorme culturele en sociale diversiteit, de kwaliteit van de diensten en de duurzaamheid van toeristische projecten in de Europese Unie. Dit merkteken zal door middel van een adequate mediacampagne onder de aandacht van potentiële bezoekers uit derde landen moeten worden gebracht. Tot slot wijzen we erop dat het van groot belang is om bij het vervoer te investeren in kwaliteit. Er moet voldoende capaciteit beschikbaar komen en de verschillende vervoersmiddelen moeten beter toegankelijk zijn. Van belang is ook dat het aanbod eenvoudiger gemaakt wordt, met geïntegreerde vervoersbiljetten en een goede aansluiting op het belangrijkste transportmiddel in de sector, het vliegtuig. Ter afsluiting, mijnheer de Voorzitter, wil ik graag de kwestie aanroeren van de communautaire financiering. De sector toerisme is voor de regionale en plaatselijke ontwikkeling van fundamenteel belang, reden waarom deze sector een centrale plaats dient in te nemen binnen het kader van de structuurfondsen. We hebben bij de besprekingen over de financiële vooruitzichten voor 2007-2013 een pauze ingelast. Die kan - en moet - worden gebruikt om voor deze activiteit een eigen begrotingslijn te creëren. We moeten er bij dit alles voor zorgen dat de Europese wetgeving flexibel is, en aangepast aan de behoeften van de sector, opdat operators goede en duurzame diensten kunnen blijven leveren tegen aanvaardbare kosten. In Europa speelt het particulier initiatief de belangrijkste rol bij het verwezenlijken van economische groei en ontwikkeling. Nu is het aan de politieke besluitnemers - en dat zijn wij - om die initiatieven te steunen en aan te vullen. We hopen dat we daarin succesvol zijn. Bij wijze van afsluiting, mijnheer de Voorzitter, wil ik graag al die collega’s bedanken die met hun amendementen en stem in de parlementaire commissie een bijdrage hebben geleverd. Dan bedoel ik natuurlijk ook de leden van de Commissie regionale ontwikkeling en de Commissie onderwijs en cultuur. Ik hoop dat het debat dat we nu beginnen recht doet aan de kwaliteit van de bijdragen die al deze mensen hebben geleverd. |
|
||||||||||||||||||||||||