български Español Čeština Dansk Deutsch Ελληνικά English Eesti keel Français Italiano Latviešu Lietuvių kalba Magyar Malti Nederlands Polski Português Română Slovenčina Slovenščina Suomi Svenska

Toespraken

up one level
Toespraak van de heer Hans-Gert Poettering,
Voorzitter van de EVP-ED-Fractie,
in het Europees Parlement
Woensdag, 8 juni 2005


Voorbereiding van de Europese Raad, met inbegrip van de toekomst van de Europese Unie na de referenda over de Europese Grondwet (Brussel, 16/17 juni 2005)




Hans-Gert Poettering, namens de EVP-ED-Fractie. - (DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de fungerend voorzitter van de Raad, mijnheer de voorzitter van de Commissie, beste collega’s, voor de Europese Volkspartij zijn de uitslagen van de referenda in Frankrijk en Nederland een grote teleurstelling. Het grootste gevaar waaraan wij nu het hoofd moeten bieden is dat we de oriëntatie kwijtraken. Daarom zeggen wij: de Europese Unie kan weliswaar niet alle problemen oplossen, maar zonder de Europese Unie zullen we tegen geen enkele grote uitdaging opgewassen zijn. Daarom zeggen wij: het doel blijft juist!

(Applaus)

Frankrijk en Nederland - twee belangrijke landen, dat geef ik toe - kunnen niet de verantwoordelijkheid voor de vijfentwintig landen van de Europese Unie op zich nemen. In de tweede plaats vertegenwoordigen de tien landen die het Grondwettelijk Verdrag hebben geratificeerd, 220 miljoen mensen. Deze tien ratificaties kunnen en mogen niet van tafel worden geveegd. In de derde plaats moeten de dertien landen die nog moeten ratificeren, het recht hebben zich om over de Grondwet uit te spreken. Daarom bevelen wij aan na te denken. Niemand heeft vandaag een oplossing paraat. We moeten nadenken en bezonnen te werk gaan. Bezonnenheid moet echter wel met vastberadenheid gepaard gaan. De beste oplossing is waarschijnlijk - hoewel het aan de staatshoofden en regeringsleiders is om dat te beslissen - om een fase voor bezinning, een denkpauze in te lassen, en de referenda voor een bepaalde tijd op te schorten. Dat zou men in overweging moeten nemen.

Er zijn tal van redenen waarom er in Nederland en in Frankrijk “nee” is gezegd. Voor een deel zijn dat dezelfde redenen, voor een deel ook niet. Onvrede over het landsbestuur, over de eigen regering, is wellicht één aspect. Ook is er het punt dat u hebt genoemd, mijnheer de fungerend voorzitter van de Raad: minder Europese wetgeving levert soms meer op voor ons allemaal, iets wat wij ons als Europees Parlement ook moeten aantrekken. Dan is er het punt van de uitbreiding: het is zeer veelzeggend dat de mensen de indruk hebben dat veel zaken te snel gaan. Dat moeten wij ter harte nemen.

Volgens onze fractie moeten wij in de eerste plaats ons best doen om ons tot de hoofdzaken te beperken, hetgeen bij de bespreking van concrete onderwerpen zeker tot meningsverschillen zal leiden. Europa moet sterk zijn op die terreinen die alleen Europees kunnen worden aangepakt, maar voor het overige moeten we veel vaker het subsidiariteitsbeginsel toepassen. In de tweede plaats mogen we de Europese Unie politiek, cultureel en geografisch niet te veel uitrekken. Dat is de grote zorg die in de referenda tot uitdrukking kwam. Dat moeten we zeer serieus nemen.

Wij zeggen heel duidelijk: pacta sunt servanda. Dat geldt echter niet alleen voor de Europese Unie, maar ook voor de landen die tot de Europese Unie willen toetreden. Het geldt ook voor Roemenië en Bulgarije! Mijnheer de voorzitter van de Commissie, ik vraag u en uw Commissie het volgende: wanneer u het voortgangsverslag voor Roemenië en Bulgarije schrijft - het Parlement heeft dan wel “ja” gezegd tegen beide landen, maar dat voortgangsverslag komt nog - laat u dan beleefdheden achterwege, en beschrijft u de situatie zoals die werkelijk is, open en eerlijk. Dat is wat wij nu van u verwachten. Dan kunnen wij uit het voortgangsverslag onze conclusies trekken.

Dan Turkije. Hoewel de Raad hierover nog een besluit moet nemen, gaan wij ervan uit dat ook Turkije moet voldoen aan de gestelde voorwaarden. De zes wetten waarom het gaat moeten worden geratificeerd. Het gaat daarbij ook om de vraag of de Europese Unie in staat is Turkije in haar gelederen op te nemen. Ook Cyprus moet ondubbelzinnig worden erkend, want hoe wil men met iemand onderhandelen die men helemaal niet erkent? Ook daarop moet een antwoord komen. De onderhandelingen zullen een proces met een open einde zijn. Hoewel ik erken dat hierover zowel in onze eigen fractie als in andere fracties verschillend wordt gedacht, wil ik toch vragen over het volgende na te denken. Het doel kan lidmaatschap zijn, maar het doel kan ook een geprivilegieerd partnerschap zijn. Ook dat moeten we open en eerlijk bespreken, zodat we geen valse verwachtingen wekken.

Mijnheer de fungerend voorzitter van de Raad, ik wens u samen met de Commissie - ik ben erg blij met de indrukwekkende toespraken die u beiden hebt gehouden - succes toe bij de financiële vooruitzichten. Iedereen zal een stap moeten doen: degenen die de brieven hebben geschreven, maar ook Groot-Brittannië. Daarmee kunnen we weer laten zien dat we slagvaardig zijn. Dan kunnen we ook het vertrouwen in Europa weer herstellen. Daarmee wens ik de fungerend voorzitter van de Raad, de voorzitter van de Commissie en natuurlijk onze Voorzitter van het Parlement veel succes. We moeten deze crisis als een kans zien. We gaan door, misschien wat minder snel. We hebben de boodschap begrepen, maar we blijven ons voor Europa inzetten. Europa blijft ons grote doel!

(Applaus)







EPP-ED TV Upcoming Events