![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||
|
|
ToesprakenToespraak van de heer Elmar Brok
Voorzitter van de commissie buitenlandse zaken, mensenrechten, gemeenschappeijke veiligheid en defensiebeleid in het Europees Parlement op woensdag, 3 september 2003 Betrekkingen EU/Cuba Brok (EVP-ED), rapporteur voor advies. - (DE) Mijnheer de Voorzitter, geachte afgevaardigden, geachte voorzitter van de Raad, geachte commissaris, in mijn ogen gaat het hier om een belangrijke en tegelijkertijd delicate discussie. Een discussie over schendingen van de mensenrechten, een discussie over de beroerde economische en sociale omstandigheden in een land, en een discussie over de juiste strategie om bij te dragen aan een verbetering. Ik wil ook graag onderstrepen dat ik het bijzonder betreur dat de Cubaanse autoriteiten niet bereid waren om zich coöperatief op te stellen en dat de winnaar van de Sacharovprijs Cuba niet uit mocht om aan dit debat deel te nemen. Ik wil dit debat graag aangrijpen om Oswaldo Payá Sardiñas en zijn vrienden op het hart te drukken dat wij solidair met hen zijn en dat de democratische oppositie op Cuba kan rekenen op onze steun en solidariteit. Daarom wil ik ook graag van de Raad en de Commissie weten wat men wil ondernemen om schendingen van de mensenrechten te voorkomen, hoe de zeventig mensenrechtenactivisten die sinds 18 maart 2003 in de gevangenis zitten door ons worden gesteund en, meer in het algemeen, welke middelen voorhanden zijn om politieke dissidenten uit de gevangenissen te halen. Op Cuba heerst een van de laatste communistische regimes en het land heeft ook nog een verkeerd economisch systeem. Deze twee elementen tezamen vormen de eigenlijke oorzaak van de rampzalige situatie in dit land. Het valt te betwijfelen of de boycothouding zoals de Verenigde Staten die tegenover Cuba aanneemt strategisch wel zo handig is. Maar deze boycothouding is niet de oorzaak van de problemen. Naar mijn mening dienen we dat sterk te benadrukken. Want in de tijd dat er in Europa nog communistische regimes bestonden, kregen deze massale financiële steun vanuit het Westen. Ik noem als voorbeeld de miljardenkredieten aan de DDR, waardoor dit land in feite een lidstaat van de Europese Unie was. Dit leidde er echter niet toe dat er zich in de DDR een democratisch systeem ontwikkelde dat op een verantwoorde, beschaafde wijze tegemoetkwam aan de economische en sociale behoeften van de bevolking. Naar mijn mening moeten we ons terdege bewust zijn van deze context als we ons met Cuba bezighouden, en dienen wij goed te bedenken of we met de toetreding van Cuba tot de Overeenkomst van Cotonou op de juiste weg zitten. Als hierdoor de grenzen van Cuba worden geopend, er meer vrijheid van reizen komt en mensen - ook mensen uit de oppositie - zich vrij kunnen bewegen en vrijheid van meningsuiting krijgen, dan kan ook op Cuba een deugdelijk overgangsproces van start gaan. Maar dan moet er wel sprake zijn van een zekere vooruitgang. Daarom zouden wij erg graag van de Raad en de Commissie vernemen hoe een dergelijke transformatiestrategie in gang kan worden gezet om uiteindelijk toch nog een van de laatste communistische dictaturen ten val te brengen. Dat zou een verheugende ontwikkeling zijn voor de mensen in dit geschonden land. Daarom, mijnheer de commissaris en mijnheer de voorzitter van de Raad, ben ik bijzonder benieuwd wat u ons over dit onderwerp heeft mede te delen! (Applaus) |
|
||||||||||||||||||||||||