![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||
|
|
ToesprakenToespraak van de heer Hans-Gert Poettering
Voorzitter van de EVP-ED-Fractie in het Europees Parlement op woensdag, 9 april 2003 Uitbreiding Poettering (EVP-ED). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de fungerend voorzitter van de Raad, commissaris Verheugen, geachte collega's, vandaag is een belangrijke en historische dag. Een dag van grote vreugde en diepe dankbaarheid. Sta mij toe om dit met een persoonlijke noot toe te lichten. Ik heb het voorrecht om sinds 1979 deel van dit Parlement uit te maken. Als toentertijd iemand bij de eerste rechtstreekse verkiezingen tegen mij gezegd zou hebben: 'Jij zult op 9 april 2003 mee moeten beslissen of drie sovjetrepublieken - Estland, Letland en Litouwen -, vijf landen van het Warschaupact - Polen, de Tsjechische Republiek, Slowakije, Hongarije en Slovenië - en ook nog Malta en Cyprus tot de Europese Unie toe mogen treden', dan had ik geantwoord dat dat een geweldige droom en een fantastisch visioen zou zijn. Deze droom, dit visioen, geachte collega's, is nu werkelijkheid geworden en laten wij daarvoor van ganser harte dankbaar zijn en ons daarover verheugen! (Applaus) In gedachten moeten wij echter ook in het Europese verleden teruggaan, omdat wij de toekomst alleen maar vorm kunnen geven als wij ons van onze geschiedenis bewust zijn. Wij moeten bijvoorbeeld de verschrikkelijke, misdadige jaren van het nationaal-socialisme tussen 1933 en 1945 in herinnering roepen. Wij moeten terugdenken aan 17 juni 1953, aan de Russische tanks in Boedapest in 1956 en in Praag in 1968. Wij moeten stilstaan bij de memorabele vrijheidsstrijd in de jaren '80, bij Solidariteit, bij de vrijheidsdrang van de mensen in Midden- en Oost-Europa. Herinneren wij ons tot slot ook de val van de muur op 9 november 1989. Robert Schuman - onze vergaderzaal is naar hem genoemd - heeft in de jaren '60 al gezegd: 'Op een dag zullen alle Europeanen in vrijheid en vrede deel uitmaken van de Europese Gemeenschap, van de Europese Unie.' Dat is ook altijd het doel van onze fractie geweest. Ik wil iedereen die hieraan meegewerkt heeft van harte bedanken, in het bijzonder de rapporteur, Elmar Brok, maar ook de rapporteurs voor de Begrotingscommissie, de heer Böge en de heer Colom i Naval. Mijn dank geldt ook u, commissaris Verheugen, in uw hoedanigheid van vertegenwoordiger van alle Commissieleden. De kandidaat-landen hebben reeds geweldige inspanningen moeten leveren en zullen dat ook in de toekomst moeten blijven doen. Wij moeten Europa met name op het morele en mentale vlak dichter bij elkaar brengen en verzoenen. Daarom zou het ons buitengewoon veel deugd hebben gedaan als de Tsjechische regering van de fantastische president Vaclav Havel en ook die van zijn opvolger, Vaclav Klaus, de kracht en moed getoond had om spijt en verdriet te betuigen over het feit dat mensen uit hun land verdreven zijn. Verzoening moet via de waarheid worden bewerkstelligd en het is nu onze gemeenschappelijke taak om onze blik op de toekomst te richten. Tegen degenen die vinden dat het Europese huis nog niet klaar is en daarom niet met de uitbreiding willen instemmen, zou ik willen zeggen: wij hebben volhard in de totstandkoming van de Conventie en wij zullen er alles aan doen om te zorgen dat er snel een Europese grondwet komt zodat alle Europeanen gezamenlijk op een rechtsgrondslag aan de toekomst van Europa verder kunnen werken. De overweldigende meerderheid van onze fractie zegt - vrijwel unaniem - 'ja' tegen de toetreding van elk van de tien landen. Zij zijn welkom in de Europese Unie, in onze gemeenschap van normen en waarden. Laten wij dit oude, maar zich steeds weer vernieuwende Europa gezamenlijk mee de toekomst in begeleiden! Dat is onze wens voor ons continent. (Applaus) |
|
||||||||||||||||||||||||