![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||
|
|
ToesprakenToespraak van de heer Mario Mantovani
Lid van de EVP-ED-Fractie in het Europees Parlement op dinsdag, 14 januari 2003 Ouderen: de toegankelijkheid, de kwaliteit en de betaalbaarheid waarborgen Mantovani (EVP-ED), rapporteur. - (Italië) Mijnheer de Voorzitter, mevrouw de commissaris, geachte collega's, vanavond buigen wij ons over een onderwerp dat voor alle Europese burgers van groot belang is: het gaat om gezondheid en ouderen. Ik vermoed dat de zorgstelsels van alle lidstaten van de Europese Unie zich in dezelfde situatie bevinden, zij het in verschillende mate. Onze landen worden tegenwoordig namelijk geconfronteerd met de fundamentele vraag hoe zij de kosten van de gezondheidszorg met name kunnen beheersen en dekken. De vergrijzing, de vooruitgang van de medische techniek, de groeiende vraag naar zorg hebben geleid tot een aanzienlijke toename van de kosten van gezondheidszorg in het algemeen, die in bepaalde gevallen voor de huidige economieën niet meer te betalen zijn. Tegelijkertijd is de vraag naar ouderenzorg in heel Europa toegenomen. Dit kan met een paar cijfers geïllustreerd worden. In de Europese Unie bedroeg het deel van de bevolking dat ouder dan 65 jaar is in 2000 16,1 procent: dat aantal zal stijgen naar 22 procent in 2025, en naar 27 procent in 2050, dus een derde van de bevolking. En het aantal 80-plussers, dat in 2000 goed was voor 3,6 procent, zal stijgen tot 6 procent in 2025 en tot 10 procent in 2050. Alhoewel het aanbod van gezondheidszorg en ouderenzorg hoofdzakelijk een bevoegdheid van de lidstaten blijft, beseffen wij dat deze trend, waaraan grote en complexe verschijnselen verbonden zijn, op nationaal niveau niet doelmatig aangepakt kan worden. Wil men goede resultaten behalen, dan moet dit soort problemen benaderd worden in het kader van een ruimere Europese samenwerking, zoals geformuleerd in de beginselen en doelstellingen van het communautair actieprogramma op het gebied van de volksgezondheid en in de specifieke doelstellingen van het actieplan van de Verenigde Naties. Om dergelijke doelstellingen te verwezenlijken, moet er sprake zijn van samenwerking van al degenen die in de gezondheidszorg werken. Er moet betere samenwerking komen op het vlak van uitwisseling van informatie en goede praktijken, onderzoek, het aanleggen van een gegevensbank voor de sociale en zorgsector met statistieken en projecties, het opstellen van gemeenschappelijke kwaliteits- en kwantiteitsnormen: zodoende wordt het mogelijk indicatoren voor de volksgezondheid en gemeenschappelijke voorschriften voor controleacties op de zorgverlening te bepalen. Ook de Europese Raad van Barcelona van maart 2002 heeft erop gewezen dat er in deze sector samenwerking tussen de lidstaten moet komen, door te beginnen met uitwisseling van goede praktijken en informatie en door de gemeenschappelijke problemen op Europees niveau aan te pakken. De Europese Unie heeft er reeds bij meerdere gelegenheden op gewezen dat er behoefte is aan een algehele strategie, om te reageren op de economische en sociale gevolgen van de vergrijzing en de implicaties voor de werkgelegenheid. Het gaat er daarbij om de capaciteiten van alle leeftijdsgroepen aan te spreken en de solidariteit tussen de generaties te versterken. Onder eerbiediging van het beginsel van solidariteit en toegankelijkheid van iedereen tot de gezondheidszorg, zal zowel de sociale bescherming als de levering van kwalitatief hoogwaardige gezondheidsdiensten in de lidstaten gehandhaafd dan wel verbeterd moeten worden, teneinde de doelstellingen van betaalbaarheid, toegankelijkheid en kwaliteit volledig te realiseren. Dit alles zou in de toekomst eventueel ook moeten leiden tot één grote markt voor gezondheidskundige diensten en producten: een interne markt die niet wordt gezien als een handelsproduct en dus niet aan de wetten van de commercie wordt overgeleverd, maar daarentegen wordt beschouwd als een product dat moet gehoorzamen aan de wetten van kwaliteit en toegankelijkheid voor iedereen; en hierbij richt ik me met name tot mevrouw Jöns, die hard heeft meegewerkt en die ik voor dit verslag bedank. Een ander belangrijk aspect waarmee rekening moet worden gehouden, is dat men niet teveel belang mag hechten aan het doel van betaalbaarheid, want dat kan ten koste van de kwaliteit en toegankelijkheid gaan. Hiervoor moeten dan ook zo gauw mogelijk oplossingen worden aangedragen: wij denken aan informatie- en promotiecampagnes, aan specifieke analyses en onderzoek, aan het opstellen van programma's voor de financiering van opleidings- en bijscholingsprojecten van medisch en paramedisch personeel, zoals ook door de heer Mussa wordt bepleit. Tenslotte zal er meer aandacht moeten worden besteed aan bepaalde aspecten van sociale bijstand en zorgverlening aan ouderen, met name aan de hulpbehoevenden, die het grootste probleem vormen, evenals de behandeling van geriatrische geestesziekten, het behoud van persoonlijke autonomie, integratie, toegang tot heraanpassings- en revalidatiediensten, preventie, assistentie en ondersteuning van families die de zorg voor ouderen op zich nemen, bestrijding van mishandeling en het aan hun lot overlaten van ouderen. Gisteren heeft de Commissie voor de zoveelste keer alarm geslagen en gezegd dat wij ervoor moeten zorgen om tegen 2010 de meest concurrerende economie ter wereld te worden: precies wat men drie jaar geleden, vanwege de lage economische groei, in Lissabon heeft afgesproken. In deze optiek vormt de vergrijzing een fors probleem. Ik vraag dan ook - in de hoop dat het Europees Parlement spoedig actiever wordt betrokken bij de uitwerking van principiële richtsnoeren en richtsnoeren voor het economisch beleid en de gezondheidszorg - dat de Commissie en de Raad rekening houden met de besluiten die in dit verslag staan, ter voorbereiding van het gemeenschappelijke samenvattende verslag dat zal worden voorgelegd aan de Europese voorjaarstop van 2003 en aan de Europese Conventie. Volgens mij moet in dat verslag een hoog niveau van gezondheidszorg als algemeen doel worden opgevoerd. Alleen op die manier, alleen met een sociaal Europa kunnen we van het Europa van de banken en munten overstappen naar het Europa van de mensen en de bevolkingen. (Applaus) |
|
||||||||||||||||||||||||