![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||
|
|
ToesprakenToespraak van de heer Hans-Gert Poettering,
Voorzitter van de EVP-ED-Fractie, in het Europees Parlement op woensdag, 25 september 2002 GBVB (Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid) Poettering (EVP-ED). - (DE) Mijnheer de Voorzitter, mijnheer de voorzitter van de Raad, mijnheer de commissaris, mijnheer de plaatsvervangend minister van Defensie van Griekenland, geachte afgevaardigden, een debat als dat van vandaag geeft aanleiding tot het opmaken van een balans van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid. We moeten de positieve maar ook negatieve punten naar voren halen. Ik wil om te beginnen de beide rapporteurs, de heren Brok en Titley, zeer hartelijk danken voor de uitstekende verslagen die zij hebben gepresenteerd. (Interruptie) Mijnheer Swoboda, daarover kunnen wij nog discussiëren. Ik zou geen bezwaar hebben gemaakt als de beide rapporteurs hun verslag hadden toegelicht. De beslissing daarover was echter niet aan mij en er is voor mij ook geen reden de beslissingen van de Voorzitter in twijfel te trekken. Dit is dus niet mijn probleem en daarom wil ik er verder niet op ingaan. Een van de positieve onderdelen van het Europees buitenlands beleid hebben we nog helemaal niet besproken. Ik heb het over de toetreding van de Midden-Europese landen tot de Europese Unie. Die is op dit moment nog een onderdeel van het buitenlands beleid, maar als deze landen eenmaal lid zijn van de Europese Unie behoren ze tot het binnenlands beleid. We kunnen het eigenlijk als een groot succesverhaal beschouwen dat we binnenkort - hopelijk aan het einde van dit jaar - de onderhandelingen met waarschijnlijk tien landen kunnen afronden. Dat behoort tot de successen van het Europees beleid. De Balkan werd genoemd en ook daar zijn de ontwikkelingen positief. De Europese Unie levert daar een positieve bijdrage aan stabiliteit, veiligheid en democratie. Afghanistan is aan bod gekomen en ook hier is Europa actief, want 13 van de 15 EU-lidstaten zijn militair of op andere wijze aanwezig. Wij - de Europese Unie en haar lidstaten - zijn de grootste geldschieters, maar het meest wonderlijke is wel dat dit nauwelijks wordt erkend. Als Amerika ergens een miljard dollar geeft, weet de hele wereld dat. Als wij een miljard euro geven, heb ik dikwijls de indruk dat dat het best bewaarde staatsgeheim van Europa is. Wij moeten erover na gaan denken hoe wij onze voorlichtingsacties kunnen verbeteren. Met betrekking tot Irak ondersteunen wij de Amerikaanse president in zijn inspanningen om de Verenigde Naties bij deze kwestie te betrekken. Wij verzoeken alle lidstaten van de Europese Unie samen als Europeanen een gemeenschappelijk standpunt in te nemen. Wij vinden het onverantwoord als een of meerdere lidstaten hun eigen weg gaan. Dat is niet alleen schadelijk voor hun verhouding met de Verenigde Staten maar geeft ook blijk van een gebrek aan solidariteit ten opzichte van de Europeanen binnen de Europese Unie. Wij kunnen de Amerikaans politiek en de wereldpolitiek alleen maar beïnvloeden als wij als Europeanen gemeenschappelijk handelen. Wij moeten nu van de Irakese dictator verwachten dat hij inspecties in zijn land toelaat. De Britse regering heeft gisteren een belangrijk document daaromtrent gepresenteerd. Als deze inspecties daar niet mogelijk zijn en militair ingrijpen is noodzakelijk, dan is de Irakese dictator daar uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor. Wat betreft het Midden-Oosten ben ik het eens met alles wat de heer Patten heeft gezegd. Wij blijven erbij dat de spiraal van geweld doorbroken moet worden en dat de terreur van de zelfmoordcommandos moet ophouden. De reacties van Israël zijn echter ook volledig buiten alle proportie. Ook de Palestijnen hebben hun waardigheid. Daarom kan ik de Raad en de Commissie alleen maar aansporen om aan hun beleid vast te houden en met beide partijen op een verstandige manier te praten. Anderen doen dat niet op die manier, maar wij moeten een belangrijke taak waarnemen, omdat beide partijen - de ene partij misschien wat meer dan de andere - ons vertrouwen. Als Europeanen moeten wij juist opkomen voor degenen die in hun waardigheid worden aangetast. Wij zeggen heel duidelijk dat Israël het recht heeft om binnen veilige grenzen te wonen, maar ook dat het Palestijnse volk het recht heeft in vrede te leven binnen veilige grenzen. Wij moeten ook de vertegenwoordigers van het Palestijnse volk de kans geven hun stem te laten horen en een verstandige weg voor de toekomst aan te geven. De plaatsvervangend minister van Buitenlandse Zaken van Griekenland heeft terecht gewezen op het nog niet gesloten akkoord tussen de Europese Unie en de NAVO inzake de toegang tot de planningsfaciliteiten en de militaire capaciteiten van het Noord-Atlantisch Bondgenootschap. Wij hopen dat er spoedig een akkoord wordt bereikt, en wij sporen ook onze Turkse partner aan bij te dragen aan een oplossing. Tot slot wil ik het volgende zeggen. Commissaris Patten heeft aangegeven dat het instrumentarium van het Europese buitenlands, veiligheids- en defensiebeleid verbeterd moet worden. Wij hopen dat de Conventie daartoe belangrijke voorstellen zal doen. Als de Europese Unie zo handels bekwaam en geëngageerd is als in Afghanistan, moet dit ook tot uiting komen door instellingen die doeltreffend te werk gaan. Daarom zal onze fractie alles in het werk stellen om van de Conventie een succes te maken, want daarvan is het succes van het gemeenschappelijk buitenlands, veiligheids- en defensiebeleid van de Europese Unie sterk afhankelijk. (Applaus) |
|
||||||||||||||||||||||||