![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||
|
|
ToesprakenToespraak van de heer Hans-Gert Poettering,
Voorzitter van de EVP-ED-Fractie, in het Europees Parlement op woensdag, 4 juli 2001 Werkprogramma van het Belgisch voorzitterschap Poettering (EVP-ED). - (DE) Mevrouw de Voorzitter, mijnheer de voorzitter van de Raad, mijnheer de voorzitter van de Commissie, dames en heren, de voorzitter van de Raad heeft een ambitieus programma voorgelegd. Mijnheer de voorzitter van de Raad, uw programma krijgt de steun van onze fractie omdat u - u hebt dat niet direct gezegd maar door de algemene strekking van uw betoog tot uitdrukking gebracht - opkomt voor een gemeenschappelijk Europa en niet voor een Europa van intergouvernementele samenwerking. Wij steunen u omdat u het Europese recht, de democratie en de communautaire methode verdedigt. (Applaus) U zet daarmee de traditie voort van uw christen-democratische voorgangers, Wilfried Martens en Leo Tindemans, die ook in het Europees Parlement uitstekend werk hebben verricht. Op 1 januari 2002 zal de gemeenschappelijke munt een feit zijn. De invoering van de euro is een vreedzame, maar revolutionaire gebeurtenis. Wij kijken naar onze gemeenschappelijke Europese munt uit. Wij moeten die met overtuiging verdedigen. Als de jongeren van vandaag in hun gehele leven, in de toekomst overal in Europa, in alle landen van de Europese Unie en gedeeltelijk ook daarbuiten, met een gemeenschappelijke munt kunnen betalen, is ook dat een werk van vrede. Laten we van de gemeenschappelijke munt geen kwaad spreken, maar laten we die samen met overtuiging verdedigen! Mijnheer de voorzitter van de Raad, dat vereist ook - en dat is een verzoek aan u - dat wij een stabiliteitsbeleid voeren, de inflatie bestrijden, de staatsschuld verminderen en er vooral voor zorgen dat het loont in Europa te investeren. Het is daarom niet voldoende dat wij de belastingen voor de grote ondernemingen verlichten. Wij moeten ook de belastingen voor het MKB verlagen om de investeringen en het prestatievermogen te stimuleren en in Europa aldus de economische groei te bevorderen. Uw woorden in de Europese Raad van staatshoofden en regeringsleiders, namelijk dat de Europese Unie het meest concurrerende continent ter wereld moet zijn, hebben slechts betekenis als wij investeringen in Europa aanmoedigen. Ik verzoek u de lidstaten te noemen die zich niet aan die beginselen houden. Wij moeten het economische Europa immers tot een succes maken. (Applaus) U had het over Laeken. Het Europees Parlement zal in de conventie vertegenwoordigd zijn. U ijvert daarvoor en wij begroeten dat nadrukkelijk -, naast de Commissie en de nationale regeringen. Het zou een verdienste zijn voor de sputterende Frans-Duitse motor als beide landen zich ervoor inzetten dat ook de regeringen op hoog niveau in de conventie vertegenwoordigd worden, bijvoorbeeld door Europese ministers die in hun nationale parlementen verantwoordelijkheid dragen, die tegenover de nationale parlementen rekenschap afleggen en op die manier ook de nationale publieke opinie bereiken. Wij verzoeken de nationale regeringen niet alleen ambtenaren, hoewel we die ten zeerste waarderen, naar de conventie te sturen, maar ook politici, die een regeringsmandaat hebben. (Applaus) In de derde plaats is er de transparantie. Mijnheer de voorzitter van de Raad, tot onze grote voldoening hebt u gezegd dat de Raad als wetgevend orgaan een echte tweede kamer moet worden. Wij zijn het daarmee volkomen eens. Wij kunnen tijdens uw voorzitterschap op die weg echter al vóór Laeken stappen ondernemen. Wij weten bijvoorbeeld dat in het bemiddelingscomité tussen het Parlement en de Raad ambtenaren maar geen ministers aanwezig zijn en dat in een interne dienstnota staat dat de meerderheid van de daar aanwezige personen ministers moeten zijn. Daarom verzoeken wij u ook tegenover het secretariaat-generaal van de Raad te garanderen dat daar politici en ministers aanwezig zijn die op gelijke voet met het Europees Parlement de Europese wetgeving tot stand brengen. (Applaus) U had het over de opdracht van de Hoge Vertegenwoordiger. Onze fractie heeft grote achting voor de heer Solana. Wij zijn het er echter met u over eens dat wij er met de volgende hervorming moeten voor zorgen dat de functie van de Hoge Vertegenwoordiger identiek is aan de gelijkwaardige taken van de Commissie en dat dit ambt in de Commissie moet worden ondergebracht. Wij moeten er ook voor zorgen - wij zullen ons daarover in de Conferentie van voorzitters bezinnen - dat de Hoge Vertegenwoordiger ook regelmatig hier in het Europees Parlement rekenschap aflegt over het gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid van de Europese Unie. (Applaus) Tot besluit wil ik, daar ik mij aan mijn spreektijd wil houden, nog alleen het volgende zeggen. Wij vernemen met voldoening dat het Belgische voorzitterschap van de Raad wegens zijn historische verantwoordelijkheid voor Afrika aan dat continent bijzondere aandacht wil besteden. Wij vinden dat goed. Wij zeggen echter ook dat wij onze inspanningen op het gebied van het buitenlands beleid moeten toespitsen - en dat mag aan Afrika geen afbreuk doen - op de ontwikkelingen in de Balkan, meer bepaald in Macedonië, en dat wij daar aan de vrede moeten bijdragen. Als uiteindelijk blijkt dat de Europeanen ook daar samen moeten optreden met veiligheidstroepen, is hetgeen de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie ons vandaag zegt - zij zegt namelijk dat enkele lidstaten daartoe niet in staat zijn - een bewijs van onvermogen. Wij mogen niet enkel over verdediging spreken. Wij moeten meer doen dan retoriek bedrijven en onze troepen op materieel gebied zo uitrusten dat ze een reële bijdrage aan het behoud van de vrede in Europa kunnen leveren. Mijnheer de voorzitter van de Raad, ik wens u veel geluk met uw werk. België behoort tot de landen die de Europese Unie hebben opgericht en heeft al elf keer met succes het voorzitterschap waargenomen. Wij wensen België veel succes met zijn twaalfde voorzitterschap. Wij steunen u. (Applaus) |
|
||||||||||||||||||||||||