български Español Čeština Dansk Deutsch Ελληνικά English Eesti keel Français Italiano Latviešu Lietuvių kalba Magyar Malti Nederlands Polski Português Română Slovenčina Slovenščina Suomi Svenska

Toespraken


Toespraak van de heer Hans-Gert Poettering,
Voorzitter van de EVP-ED-Fractie,
in het Europees Parlement
op donderdag, 15 juni 2000

Europese Raad van 19/20 juni 2000


Poettering (EVP-ED). - (DE) Mevrouw de Voorzitter, mijnheer de fungerend voorzitter van de Raad, mijnheer de commissaris, geachte collega's, de Top van Feira van volgende week kan een belangrijke top worden als het werk dat daar gedaan moet worden, verstandig wordt gedaan. Europa valt ons niet als een rijpe vrucht in de schoot, maar kan slechts vorm krijgen als wij daar dag in dag uit - en ik herhaal, dag in dag uit – aan werken. De procedures die in Feira voor de toekomst van de Europese Unie zullen worden aangenomen, vormen een belangrijke stap op deze weg. Daarom hoop ik dat het een belangrijke werkvergadering zal worden.

Als Fractie van de Europese Volkspartij en Europese Democraten streven wij in het jaar 2000 twee doelstellingen na.

Ten eerste dient de intergouvernementele conferentie deze winter in Nice te worden afgesloten. Het gaat hierbij niet om het afsluiten op zich, maar om een goed resultaat. Dat is onze eerste eis.

Ten tweede hebben zich in de jaren 1989-90, en ook daarvoor en daarna, in Europa grote veranderingen voltrokken. De volkeren uit Midden-Europa wachten nu op toetreding tot onze waardengemeenschap. Om dit mogelijk te maken moeten wij ons van een aantal taken kwijten, en moeten ook de betrokken landen een aantal taken vervullen.

Ik wil u verzoeken, mijnheer de fungerend voorzitter, in Feira een oproep te doen en ervoor te zorgen dat de dynamiek van het toetredingsproces gaande wordt gehouden. Wij mogen niet de indruk wekken dat de volkeren uit Midden-Europa niet welkom zijn in onze waardengemeenschap. Ik wil er persoonlijk bij u op aandringen al het mogelijke te doen om een signaal naar deze volkeren te doen uitgaan en hen duidelijk te maken dat zij bij ons welkom zijn.

U maakte gewag van een uitbreiding van de agenda voor de intergouvernementele conferentie. Ik wil u nadrukkelijk ondersteunen in dit streven, maar u ook verzoeken zich flexibel op te stellen. U moet niet alleen een optelsom maken van de nog op de agenda op te voeren punten, maar ook een formule vinden op grond waarvan ook in de komende maanden nog thema's kunnen worden toegevoegd.

Commissaris Barnier heeft gesproken over de besluitvorming bij meerderheid. Dit is een essentieel punt, namelijk de principiële toepassing van stemmingen bij meerderheid in de Raad van de Europese Unie, met een gelijktijdige uitbreiding van de medebeslissing.

Ik wil waarschuwen, mijnheer de fungerend voorzitter van de Raad, voor het opnemen in het Verdrag van de versterkte samenwerking. Ik ben op zich een groot voorstander hiervan, maar dit mag geen alibi worden om vooruitgang in de besluitvorming omtrent de stemmingen bij meerderheid tegen te gaan. Wij hebben beide nodig, zowel besluitvorming bij meerderheid als versterkte samenwerking.

Wij scharen ons achter het voornemen van het voorzitterschap van de Raad om het Verdrag te rationaliseren, zoals ook in de gezamenlijke ontwerpresolutie van de fracties staat. Dat wil zeggen dat wij de structuur van het Verdrag moeten veranderen. Commissaris Barnier sprak over een grondverdrag. Hoewel misschien niet alles binnen de komende zes maanden zijn beslag kan vinden, moeten wij wel de weg blijven volgen van een grondverdrag en een verdrag van algemene strekking. Men moet sterker de nadruk leggen op het subsidiariteitsbeginsel. Onze fractie wil ook dat een begin wordt gemaakt met de verduidelijking van de taakverdeling tussen de Europese Unie, de lidstaten en de regio's. Wij krijgen alleen steun voor het Europese integratieproces op de verschillende niveaus, of wij zullen deze steun alleen terugwinnen als de burgers weten welk bestuursniveau voor welk terrein verantwoordelijk is. Daarom is het van groot belang dat wij hier onze prioriteiten vaststellen en een begin maken met de afbakening van de verschillende bevoegdheidniveaus.

Het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid is hier ook ter sprake gekomen. Ik steun het streven - en dit hebben wij altijd gedaan - Europa sterk te maken, maar dan wel binnen het kader van het westers bondgenootschap. Wij mogen ons niet tegen onze Amerikaanse vrienden richten maar moeten veeleer onze betrekkingen met hen, als gelijkwaardige partners, aanvullen.

Staat u mij toe nog een ander punt aan te roeren. Ik had dit eigenlijk eerder moeten noemen maar dit is mij ontschoten. Waarom hebben wij behoefte aan een flexibele formule voor de intergouvernementele conferentie? Gisteren - toen u niet aanwezig kon zijn en dat neem ik u ook niet kwalijk - hebben wij hier over een statuut voor de Europese partijen gesproken. Als wij een aanvulling willen op artikel 191 van het Verdrag - waarvoor de Commissie een voorstel aan de intergouvernementele conferentie zal voorleggen – moeten wij dit op de conferentie kunnen behandelen en het Verdrag desbetreffend kunnen aanvullen. Anders kunnen wij bij het probleem van de Europese partijen geen vooruitgang boeken.

Voorts zou ik, zonder enige polemiek, in alle rust en met zakelijkheid, nog een kwestie te berde willen brengen waarbij ik mij innerlijk sterk betrokken voel. Het gaat om paragraaf 8 van de gezamenlijke ontwerpresolutie. Wij verzoeken het voorzitterschap van de Raad de betrekkingen tussen de 14 lidstaten en Oostenrijk te evalueren. Ook verzoeken wij het voorzitterschap om met alle betrokkenen in de Europese Unie te werken aan een formule die tot een aanvaardbare oplossing kan leiden. Mijnheer de fungerend voorzitter, hoewel over deze kwestie de meningen uiteenlopen, wil ik erop wijzen dat zij als een donkere wolk boven de Europese Unie hangt. Wij weten dat in Denemarken de steun voor de euro, in de aanloop naar het referendum van september aanstaande, sterk is teruggelopen vanwege de Oostenrijkse kwestie. In Denemarken ziet men een en ander namelijk als inmenging in de binnenlandse aangelegenheden juist van kleinere lidstaten.

Ik zeg u ten persoonlijke titel en zonder enige polemiek, omdat dit mijn diepe overtuiging is: als wij deze kwestie niet oplossen krijgen wij grote problemen. Daarom wil ik u vriendelijk verzoeken ook hieraan aandacht te schenken. Daarnaast vraag ik u dringend om bij de intergouvernementele conferentie het standpunt van het Europees Parlement in aanmerking te willen nemen. Wij hebben vertrouwen in de Commissie. Ons vertrouwen in het voorzitterschap van de Raad, in de Raad is echter nog voor verbetering vatbaar. Niettemin wensen wij u veel succes toe. Uw succes is ons succes, het succes voor allen op het Europese continent


EPP-ED TV Upcoming Events